Posts Tagged ‘thuis’

h1

To see or not to see….

25/08/2011

Of eigenlijk: een bril of geen bril?

Op elfjarige leeftijd sprong ineens mijn hele omgeving weer op scherp na het aanmeten van een bril. Er waren meer kinderen in de klas met een bril maar echt interessant was Evelien. Zij had als een van de eerste kinderen in Nederland contactlenzen. We spreken over om en nabij 1972. Dat was zo bijzonder dat het niet eens tot mij doordrong dat het een alternatief zou kunnen betekenen voor het brilletje.

Dat duurde nog een paar jaar maar toen spaarde ik al mijn vakantiewerk- en verjaardagsgeld bij elkaar voor mijn eerste, echte paar contactlenzen.
Dat gaf voordelen ten opzichte van de bril: geen last in de regen, geen beslagen glazen, geen voorzetzonnebril. De minder leuke kanten: zand achter je lenzen, gesjouw met flesjes en opbergbakjes en voorzichtig tastend over de vloer als er weer eens eentje gevallen was.

Het klimaatsysteem van de nieuwe werkgever, ergens rond 1998, was de nekslag voor mijn lensgebruik. De droge lucht maakte dat ik de hele dag door zat te druppelen en toch nog rode ogen hield.
Terug naar de bril dus. En die heb ik nog steeds, sinds een paar jaar zelfs met een ingebouwd leesgedeelte.

Daar waar hele discussies worden gevoerd over het al dan niet vergoeden van rollators en gehoorapparaten  is er voor brildragers geen subsidie. Ik klaag niet maar het is wel een beetje vreemd want zonder bril ben ik behoorlijk hulpeloos. En een nieuwe bril is een prijzige aanschaf, niet direct door het montuur maar vooral ook door de glazen.

Vandaag zat ik bij de Oogkliniek Heuvelrug – zou laseren een optie voor mij zijn? Technisch qua ogen dus. Een vriendelijke optometriste nam mij en mijn kopje thee mee van het ene testkamertje naar het andere. Sterkte meten, pufje lucht voor de oogdruk, traanvocht, nog meer sterkte (‘is deze beter of slechter?’) en uitgebreide uitleg over het verschil tussen Lasik en Lasek.

Dan de oogarts zelf en zijn oordeel. Ja,  het kan en de risico’s zijn heel erg klein. En de voordelen heel erg groot. En de apparatuur die hij heeft is prachtig, zijn ogen gaan er van glimmen als hij uitlegt over microns, flapjes en het verschil tussen mechanisch snijden en met laser.

De teerling is geworpen, de beslissing genomen: eind september ga ik onder het mes. Sorry: onder de laser. Het kost wat maar dan heb je ook niks: geen bril meer.
Dat zal wennen worden.

 

h1

Bij de tandarts

23/08/2011

Het was weer tijd voor de tandarts, voor de halfjaarlijkse controle. De praktijk is volledig afgesloten van ontvangst voor mobiele telefoons. Geen telefoon, geen email, geen Twitter.
Er liggen volop bladen en het verrast me dat het blad Arts & Auto echt bestaat.

Twee flatscreens aan de muur: op de ene iets National Geographics-achtigs over een man die stoer aan het overleven is in de wildernis. Survivor heet het, enkelvoud. Maar wie filmt hem dan?

Op het andere scherm zijn ze aan het schansspringen. En het duurt even voor tot me doordringt dat weer niet echt zomers is maar dat wintersport wel wat overdreven is. Maar ze springen vanaf een groene schans en eindigen op een mooi grasveldje. Het blijft een raar gezicht maar het is leuk voor die jongens dat ze geen gedwongen zomerstop meer hebben kennelijk.

Dan zijn we aan de beurt. De man heeft geen gaatjes. Hij heeft nooit gaatjes.
En ik gedraag me heel volwassen en zeg eerlijk dat linksonder en linksboven het zeer doet bij koude lucht. De tandarts vraagt of ik het zeker weet. Even twijfel ik en hoop tegen beter weten in. Ik moet de tandarts bijna overtuigen om beide plekken te testen met een ijskoud staafje. En dan is hij het jammer genoeg met mij eens: boven en onder is het mis.

Straks, na de vakantie, wordt het minimaal één zenuwbehandeling. En een vulling langs een randje.
Fijn.

h1

Lekker puh

01/06/2011

Cipier: dat is in ieder geval een beroep dat je mij maar beter niet kan laten uitoefenen. Vrijheidsberoving (of -beperking) en ik gaan niet zo goed samen. Dat zit in de familie want mijn tante kon opstappen bij haar vakantiewerk toen ze op verzoek van patiënten de deur van de gesloten afdeling in de psychiatrische inrichting had open gezet.

Wij zijn dol op scharreleieren en die liefde delen we met één van de beesten in de achtertuin, waarschijnlijk de ekster. Zie ook dit verhaal. De meest praktische oplossing is het opgesloten houden van de kippen totdat ze hun ei hebben gelegd en dan pas het hok open zetten.  Maar als ik aan het eind van de ochtend ga kijken is er vaak nog geen ei te zien maar staan de heer en dames wel heel verwachtingsvol voor het gaas.
En ik kan daar dus niet tegen en zet tegen beter weten in de deur open. Dan schieten ze ook echt naar buiten en werken in rap tempo hun parcours af.  Je hoort ze bijna denken: “Wat denkt dat mens wel? Zoveel te doen, zo weinig tijd” en roetjs, daar gaan ze in ijltempo door de moestuin heen.

Maar ja, die eieren, dat wordt dan dus niets. Of ze nu in het hok leggen of toch stiekem ergens onder een struik of achter een stapeltje hout: wij zien ze niet.  Maar de rover is er nog steeds want het laatste stenen nep-ei  is ook weer verdwenen.

En eigenlijk heb ik wel respect: het is toch wel moedig om je in een hok te wagen.
Het eerste deel gaat nog wel: de deur is groot en wijd, de aftocht niet al te moeilijk.

Maar dan wordt het enger: een kleine opening en vluchten is geen optie meer:


En daarna nog een meter dieper het hok in: naar het leghokje:


Met de buit, een toch redelijk groot ei, dezelfde weg terug en naar huis.
Want eerlijk is eerlijk: er is niets terug te vinden, geen snippertje eierschaal.
Als het inderdad de ekster is dan woont ie waarschijnlijk hier boven, in de vijftien meter hoge spar van de buren.
Dat is toch een heel gesjouw met de boodschappen. Inclusief twee stenen eitjes. Grijns.

Als ik na het maken van de foto’s deze middag het hok weer uit stap hoor ik verderop de schrille klepperlach van een ekster.

Maar vandaag zijn de eitjes van ons. Lekker puh.

h1

De dief en het dilemma

27/05/2011

Wij hebben scharrelkippen en die leggen scharreleieren. Niet altijd in het leghokje, dan vinden we ergens in de tuin opeens een stapel eieren.
Want kippen zijn wel van het principe: ‘een ei hoort bij een ander ei’. Dus als het eerste ei ergens gelegd is, volgen er meer.
Omdat we niet zo’n voorstander zijn van het hele jaar door pasen en eieren zoeken,  passen we de truc toe van het stenen ei.
Een nep-eitje in het leghok, daar leggen onze kippen graag een eitje bij.

Onze kippen leggen ongeveer per stuk een ei per dag, de een wat kleiner dan de andere. Dat ongeveer betekent dat ze wel eens een dag overslaan. Of toch stiekem een ei leggen onder een struik, achter een vuilnisbak, in een schuurtje of tussen de plantjes bij de buren. Maar met een of twee eitjes per dag zijn wij heel tevreden.

De laatste tijd ging de productie wel erg omlaag, We gingen een goed gesprek aan met de kippen: dat ze in ruil voor voer, water en riante scharrelruimte (3 diepe tuinen) best hun eitjes mogen inleveren als ze ze toch niet willen uitbroeden. Ze keken alleen maar wat glazig terug. Wat voor een kip op zich niet niet gek is.

Tot laatst het stenen eitje was verdwenen.
Een eierrover, dat kan niet anders. We hebben drie verdachten: een eekhoorn, een marter of een ekster.
Wij gokken op de laatste. Ik zie er regelmatig eentje achter in de tuin rondscharrelen. De man des huizes overweegt een webcam.

En het dilemma? Of we sluiten de kippen op en rapen de eieren. Of we laten ze lekker scharrelen en de ekster raapt de eieren. Lastig.

h1

Opa Schommelebootje

18/05/2011

Mijn opa van moeders kant werd geboren in 1909 en groeide op in Zeeland, in Kruiningen. Zijn vader overleed toen hij vrij jong was. Hij werd waterbouwkundig ingenieur en ontmoette in Grave, Brabant, mijn oma. Ze trouwden, gingen wonen in Utrecht en daar werd mijn moeder geboren in 1935. Vlak daarna werd mijn opa door Rijkswaterstaat geplaatst op Terschelling en ze betrokken de dienstwoning bij de haven op West-Terschelling.

Tijdens de oorlog wemelde het van de Duitsers op het eiland, het huis aan de haven werd geconfisceerd en het gezin trok naar Midsland.  Het enige contact met de buitenwereld was de veerboot en verzet was dan ook uitermate lastig en beperkt. Toch is het een keer gelukt om wapens te smokkelen en kreeg mijn oma tot haar grote schrik aan de keukendeur een pistool in haar handen geduwd. Dat verstopte ze in paniek in de broodtrommel.
Na de oorlog werd de standplaats Den Helder waar mijn opa meebouwde aan de nieuwe marinehaven. Daarvoor kreeg hij een lintje. Dat lag op zolder ergens weggeborgen. Dierbaarder dan het lintje was de tekening de hun Terschellinger vriend Wouter Ydo van die gelegenheid maakte – die hing ingelijst in de kamer. Net als het prachtige grote schilderij van zijn hand van de Brandaris.

Na Den Helder werd het Alkmaar, daarna Gouda en ze eindigden in Zeist waar opa werkte voor de Grontmij.
Mijn opa vertelde graag en verwachte ook wel dat er naar geluisterd werd. De regel was dat hij altijd gelijk had, ook al had hij geen gelijk. Een eigenschap die mijn moeder geërfd heeft. 🙂

Op in zijn karakteristieke pose: in zijn eigen stoel, met sigaret, de rest van de familie overziend

Als ik vroeger bij hen logeerde dan mocht ik, als ik heel voorzichtig was, tekenen met de potloden uit zijn grote Caran d’Ache-doos. Twee van zijn eigen aquarels hangen nog bij mijn ouders aan de muur.
Hij was astmatisch maar rookte behoorlijk. Katten kon hij niet luchten of zien, tot groot verdriet van mijn oma, maar hij was dol op onze hond en op de papegaai van mijn tante – die konden in de vakantie altijd komen logeren.
Hij is nog overgrootvader geworden en deed met mijn kinderen een Zeeuws paardrij-op-de-knie-liedje:

Schommele schommele bootje
Morgen komt van Lootje
En als van Lootje nieë komt
Dan komt Jacob Jansen
Die laat de poppetjes dansen
Van boven op de zolder
Tot in de Bathse polder
Schuutje kapt om, schuutje kapt om
Schuutje kapt helemaal, helemaal om!

Mijn luxepaarden-kinderen hadden twee opa’s, twee oma’s, drie overgrootmoeders en een overgrootvader. Voor het onderscheid werd mijn opa Visser hun opa Schommelebootje.

Hij was jarig op 31 augustus – Koninginnedag.

h1

Man en vlees en BBQ

10/05/2011

De man des huizes is een echte man: hij heeft bij elke klus een reden voor het aanschaffen van een nieuw stuk gereedschap, hij zoekt zich rot maar kan niets vinden en hij houdt van bbq-en. En van vlees.

Die laatste twee laten zich goed combineren met de eerste zodat wij regelmatig lekker eten van de Weber-bbq. Voor ons geen kant en klare pakketjes van de supermarkt of slager. Of ieder voor zich een stokje sateh of een burger op het rooster leggen en zelf in de gaten houden.
Nee, bij ons zorgt de man voor het vlees. En ik moet eerlijk zeggen: dat doet hij uitstekend.

Zaterdag hadden we een familiefeestje en na afloop reden we weg met een afspraak voor een bbq bij ons thuis voor 15 man met chocolademousse toe. Die mousse is namelijk wereldberoemd in de familie, ex aequo met de creme brulee trouwens. Broertje en schoonzus zijn even over uit Dubai en kunnen niet terug zonder zeker te weten dat de chocolademousse nog steeds goed is. En als zij komen, dan natuurlijk hun kinderen ook.  En zusje ook, met kinderen. En mijn kinderen. En dan ook pa en ma. En waar van toepassing de aanhang. En dat maakt 15.

Het was een hele goede aanleiding voor de man des huizes om een droom waar te maken en dit op de bbq te leggen:


Een ribstuk van viereneenhalve kilo.
Ruim een uur verder zag het er zo uit:


Heerlijk mals. Een vorstelijk maal samen met de aardappels uit de oven, sla, stokbrood en zelfgemaakte salieboter.
En natuurlijk de chocolademousse toe.

Bijna alles ging schoon op. Schoonzus leurde met het laatste beetje sla bij haar zoon. “Neem nog een beetje sla, dat vind je toch lekker?” Waarop hij reageerde met: “Ja. Op een búrger.”

En de hond mocht nog wat leuks doen met de botten.


En met de randjes vet. En de jusborden.

Ja, het was voor iedereen een leuke avond.

h1

Alleenstaandemoederdag

08/05/2011

Lang, heel lang geleden waren mijn kinderen 5 en 7. Het was mijn eerste alleenstaandemoederdag. Hoe moest dat nu met cadeautjes?
Als oplossing gingen we naar het dorp: ik bleef zitten op een bankje op het plein en de kinderen gingen winkelen. Als ze iets naar hun gading hadden gevonden konden ze bij mij het geld er voor halen.

Samen gingen ze op stap. “Ik heb iets heel moois gezien maar het kost wel 4,95”. In guldens dus nog. Ze kregen hun geld mee en kochten blij ieder hun eigen cadeautje. De oudste was er zelfs heel slim mee naar de inpakservice gegaan.

De grote blauwe armband en zwart/witte libellebroche zijn mijn mooiste moederdagcadeautjes ooit.

h1

Samenvatting van 24 jaar moederwijsheid

08/05/2011

Ben je gevallen? Is de vloer nog heel? Kom maar hier: kusje erop en het is over.

Nee, je mag niet slaan. Ook niet je zusje/broertje. En dat geldt ook voor jou!

Wat zeg je dan tegen de slager/bakker/mevrouw van de drogist?

Lust je je eten niet? Dan geen toetje. Heb je nog honger: pak maar een droge boterham.

Als je niets aardigs kan zeggen, zeg dan maar niets.

Doe je voorzichtig?

Nee, je mag niet zelf rijden met het supermarktkarretje.

SCHREEUW niet zo, ik kan je niet verstaan.

Ik tel tot drie……

Ja, je mag zelf fietsen. Kijk uit. Pas op. Let op die fietser! Kijk voor je! Denk om de stoeprand. We gaan hier naar links. Nee, andere linkerkant. En dan hier stoppen voor het oversteken. STOPPEN!

Doe je voorzichtig?

Niet vechten op de achterbank!

Niet smakken.

Ga je weer eens langs opa/oma/andere oma/opa/je vader/ je zusje?

Nee, in die kleren mag je niet naar school!

Een neuspiercing, nee toch? Waarom je dan wel gaatjes in je oren mag? Uh….

Heb vertrouwen in jezelf!

Doe geen dingen alleen omdat anderen het ook doen.

Ga eens rechtop staan, schouders naar achteren – ja, veel beter!

Als je lacht zie je er veel vriendelijker uit.

Dat is geen muziek, dat is klereherrie. Doe die eens wat zachter. Nee, nog zachter.

Doe je voorzichtig?

Weet je het zeker?

Waarom is een vijfenenhalf ook alweer een voldoende? Waarom moet het altijd zo spannend?

Zoek een baantje.

Ga eens wat doen!

Weten wat je niet wil is heel nuttig. Maar wat wil je nou eigenlijk wél?

Doe je voorzichtig?

Iedereen heeft recht op het maken van zijn eigen fouten. Maar het hoeft natuurlijk niet….

Ik ben trots op mijn volwassen, zelfstandige, meestal verstandige, sociale, communicatieve, lieve kinderen.

(geïnspireerd door The Mum’s Song)

h1

Blij met een ei

22/04/2011

Van de veganisten mag ik geen eieren meer eten. Omdat er in de eierindustrie miljoenen hanenkuikentjes vergast worden.
Ze hebben er zelfs een website voor: www.waardelozehaantjes.nl.

Ik heb waardering voor vegetariers. Vleesloos gaat het niet worden bij ons in huis maar we kopen wel steeds bewuster: zoveel mogelijk biologisch of in ieder geval beest dat een goed leven heeft gehad.

Veganisten gaan nog een stapje verder: ook dieren uitbuiten mag niet. Geen honing want dat is zielig voor de bijen. Geen melkproducten want dat is zielig voor de koeien. En nu dan ook geen eieren want dat is zielig voor de kippen.

En dat gaat mij een stapje te ver. Tegen bio-eieren? OK.
Maar de dames  en heer in onze tuin dan?
Scharreliger dan deze vind je ze niet snel: de hele dag hobbelen ze door onze tuin en die van de buren.

En ze leggen regelmatig een ei. Momenteel krijgen we twee eitjes per dag, van iedere kip één.
Dat gaat niet ten koste van kuikens want broeds zijn ze niet.

En als ze dat wel zijn dan mogen ze dit jaar weer kuikentjes.
Ja, dan is de kans 50-50 op haantjes en hennetjes. Meer dan één haan in het kippenhok werkt niet – het mag van ons wel maar van de natuur niet.
Uit een vorig nest herinneren we ons nog met veel plezier Adriaan en Olivier die door pa als pubers het hok uit werden gebonjourd en de wijdere wereld introkken. Ze sliepen in bomen en kraaiden buurkinderen wakker.
De man des huizes dreigde met het hakmes maar het kwam er maar niet van. Uiteindelijk hebben ze allebei een goed huis gekregen en nog enige jaren rondgescharreld.

Mochten de kippen broeds worden dan mogen ze kuikens – een stuk of vier, vijf. En natuurlijk hopen we op hennetjes want dat scheelt een hoop zorgen. Maar komen er haantjes dan gaat het waarschijnlijk net als een paar jaar geleden: de man dreigt met het mes en uiteindelijk komen ze ergens anders goed onderdak.

Lieve veganisten: mogen we dan nu gewoon genieten van onze overheerlijke scharreleitjes?

h1

Borg

19/04/2011

In het kader van ‘wegwezen bij de ING want ze leren het nooit’ heb ik nu rekeningen bij de Triodos bank. Dat bevalt prima alleen hebben ze geen credit card en die is wel weer heel handig bij aankopen doen op het internet.

Dus vroeg ik een credit card aan via ASN – ook een nette bank. Per kerende post lag er vandaag een brief van ICS, International Card Services, dat ze mijn gegevens goed bekeken hadden. Helaas bestaat mijn bedrijf nog te kort om voldoende zekerheid te bieden maar als iemand borg wil staan?

Dat wil de man des huizes wel. Ik kijk nog eens goed naar het formulier. Degene die borg wil staan moet zijn/haar gegevens invullen maar onderaan moet de huwelijkspartner ook tekenen.  Dat is op zich niet echt raar want je mag je partner niet zo maar met mogelijke schulden opzadelen.
Nou heeft de man des huizes een geregistreerd partnerschap en dat is hetzelfde als getrouwd ware het niet dat trouwen al eens eerder gebeurd was in het verleden en je wil wel eens wat anders.
En zijn partner, dat ben ik.

Dus. Ik bied niet voldoende zekerheid voor een credit card. Mijn man mag borg staan. En ik moet daar weer borg voor staan. Dus sta ik eigenlijk borg voor mezelf.

Voor de zekerheid bel ik ICS maar het klopt helemaal en is het geen enkel probleem.

Ja, ik vind het prettig dat het zo makkelijk te regelen is.
En nee, het blijven rare instellingen die financiële dienstverleners.

Update, via Twitter:

En daarom hou ik van hem. 🙂