Posts Tagged ‘doorzonwoning’

h1

Krielkip

28/03/2015

Bij de nationale tuinvogeltelling staan ze niet op het lijstje maar voor ons tellen wel zeker mee. De tuin van de doorzonwoning kan niet zonder ze: onze scharrelkrielkippen. Op dit moment is het een clubje van één haan en drie hennetjes maar in de loop van de jaren is de samenstelling altijd onderhevig geweest aan verandering. Oudere kippen gingen dood of verdwenen, kuikens werden geboren, haantjes uitgeplaatst en nieuwe kippen gekocht of gekregen. En jaren geleden heeft een vos het openstaande kippenhok gebruik voor een order van vijf McChicken, om mee te nemen. Sindsdien is de slaapstok een meter hoger gemonteerd maar het hok staat nog steeds open.

De huidige kippen hebben onlangs besloten dat ze ook in de struik naast het hok kunnen slapen. Wij vonden dat een minder goed idee en op een zaterdag aan het eind van de middag deden we een poging om ze uit de struik te plukken en het hok in te jagen. De kippen waren echter zwaar beledigd en kozen het hazenpad, luid tokkend fladderden ze terug de tuin in. We besloten te wachten tot ze gekalmeerd waren en het echt donker werd voor poging 2. (Kippen zien niets in het donker en blijven dan praktisch zitten als je ze wilt pakken.)

Weer terug binnen kwam na een tijdje de uitwonende zoon binnen om mee te eten. Toen hij al een half uur binnen was liet hij een foto op zijn telefoon zien en vroeg of dat misschien een van onze kippen was die hij verderop in de straat was tegengekomen?

IMG_3761

Inderdaad, een prachtige Hollandse kriel. Drie blokken verder aan de voorkant van onze straat. Waarschijnlijk in de paniek aan de fladder geslagen en de weg kwijt geraakt.
Ik ging kijken en ja hoor, daar liep ze, heel bedaard in een voortuin. Niet van plan zich te laten vangen, ook niet met kippenvoer dat ik inmiddels gehaald had.
Intussen kwamen er verschillende buren naar buiten die de kip ook al hadden opgemerkt. Na een kwartier van de ene tuin naar de andere tuin achterna zitten en opjagen gaven we het op.

Eenmaal thuis controleerde de man het kippenhok en telde keurig drie kippen en een haan. De loslopende kip was helemaal niet van ons!

De volgende dag ging ik toch nog een keer kijken en als volleerde scharrelkip hobbelde ze vrolijk rond, buiten bereik van grijpende handen. Ik besloot het er bij  te laten.

Als ik nu door de straat loop kijk ik iedere keer even of ik haar nog zie lopen maar nee. Misschien dat iemand anders haar toch heeft kunnen vangen en naar een kippenhok gebracht. Of ze was minder streetwise dan ze dacht en is gepakt door een kat. In ieder geval is ze dan vrij en scharrelend ten onder gegaan.

h1

Mussen

14/06/2014
Mussen

Mussen

Jaren geleden was er iemand in Vroege Vogels die vertelde over het waarom van de terugloop van het aantal mussen. Het ging om nestruimte want ze kunnen niet meer onder de pannen tegenwoordig. En om voer want de vegetatie in onze tuinen en velden was kennelijk niet meer toereikend voor hun dieet.

Om die gezellig kwetterende kudde musjes weer in de tuin te krijgen moest je voeren – niet alleen in de winter maar juist het hele jaar door.

En dat zijn we gaan doen.
Vorig jaar kwamen er naast de vele mezen en kauwen ook incidenteel één of twee mussen langs.
In het begin van dit jaar was het een klein clubje van drie tot vijf mussen.
Vorige maand resideerde eem mussengezin met drie kleine fladderaars bijna permanent in de voerkooi. Als een all-inclusive-eet-zoveel-je-wilt-resort. Een soort McFly voor mussen.
Deze maand is de aanzuigende werking zichtbaar. Regelmatig hangt een club van tien tot vijftien grote en kleine mussen op, in en rond de voerkooi.

Mussion accomplished.

h1

Kantoortuin

10/04/2014

Een groot deel van de dag zit ik achter mijn laptop. Tussen het tikken, mailen en twitteren door kijk ik vaak over het scherm heen naar buiten, de tuin in.

De tuin die we vorig jaar helemaal hebben laten opknappen. De oude grindtegels met onhandige op- en afstapjes werden vervangen door mooi klinkertjes maar kregen ze een tweede leven als muurtje langs een aantal opgehoogde borders. De vijver werd verplaatst en aanzienlijk vergroot, oude uit de kluiten gegroeide planten verwijderd, een paar mooie struiken goed gesnoeid en er kwam een nieuwe schutting.

En heel veel nieuwe planten. In plaats van één keer per jaar te genieten bloeiende gele struiken zouden we het hele jaar omringd worden door een groot scala aan bloeiende bodembedekkers, planten, struikjes, struiken en boompjes. Kruiwagens vol werden begin oktober de tuin ingereden en op hun plaats gezet. En zo veel als het leek in die kruiwagens, eenmaal geplant zag het er nog knap kalig uit.

Natuurlijk wisten we dat het allemaal nog moest gaan groeien. Sommige planten doken voor de winter onder, andere bleven dapper met wat groene blaadjes en kale steeltjes boven de grond. Een enkeling toonde zelfs al wat bloemetjes. De grote jongens in de tuin – de drie eiken, de gouden regen en de krent – lieten hun bladeren vallen en het werd nog een beetje kaler. Het werd steeds moeilijker om ons voor te stellen hoe het er straks in alle pracht en glorie uit zou komen te zien.

Maar de afgelopen maanden werd het warmer en de bovenblijvers toonden nieuwe, frisse blaadjes. In maart kwamen de nieuwe en de oude bolletjes op – zoals sneeuwklokjes die het verhuisbericht niet gekregen hadden en opeens midden in een nieuw pad bleken te staan.

Genietend van het al het nieuwe groen worden we nu iedere dag verrast door nieuwe planten die opeens boven komen. Voorlopig staan alleen zevenblad en gras op de verwijderlijst, van de rest hebben we vaak geen idee of het een ‘goeie’ of ‘foute’ is.

Ter vergelijking. De oude tuin. De hoek links van de eiken is helemaal volgegroeid en onbegaanbaar.

IMG_1474

De tuin, vers na de metamorfose. Nieuwe bestrating, een pracht van een vijver, een verse, stevige schutting en nieuwe (aarden) paadjes. In de perken overal nieuwe, onwennige planten die hun draai nog moeten vinden.

IMG_1978

En zo zag het er gisteren uit. De planten vinden hun plek, de vijver wordt al weer bewoond door salamanders. En natuurlijk helpt het ook dat de ‘grote jongens’ weer langzaam in blad komen.

IMG_2186

Met zo’n kantoortuin wil toch iedereen thuiswerker worden?

h1

Vogeltjes binnen

05/01/2014

Vogeltjes horen niet in een kooitje. Dat geldt eigenlijk voor alle beesten. Heel vroeger hadden wij thuis wel een konijn maar dat liep los en zat ’s nachts heel luxe in een afgeschotte hoek van de keuken. Later had ik een parkiet (volgens de boekjes kon je die leren praten maar Mickey kende die boekjes niet) en ook die mocht regelmatig los vliegen. Dat werd al wat ingewikkelder want hij sloopte van alles en nog wat en stond dan ook onder curatele als een TBS-er met proefverlof.
Na de kanarie en de gekregen Mozambiquesijs besloot ik: geen kooien meer. Het resultaat was dan ook geen huisdieren meer. Voor een hond was geen tijd, wij zijn geen kattenmensen en alle andere beesten zouden in een kooitje moeten. De enige optie was nog vissen maar dat experiment hebben we na een aantal dode exemplaren ook afgesloten.

Nu is er wel een hond. En zeer scharrelige kippen met een hok waar de deur altijd van open staat. En er zijn vogels, veel vogels in de tuin. Vandaag nog zagen we de eerste staartmezen, naast de kool- en pimpelmezen en de musjes. Gisteren begon de concurrentie om het nestkastje al tussen een echtpaar koolmees en een stel boomklevers. De kauwen zijn helemaal thuis in de tuin en dat geldt ook voor de tortels, het roodborstje, de vinken en merels. En heel af en toe komt de goudvink de blits maken in zijn mooie roze vestje.

Binnen hebben we geen vogels. Maar als het aan mij ligt komen die er wel en natuurlijk niet in een kooitje. De man des huizes vindt het ook goed,  als we alles weer strak gestuct en geschilderd hebben. Dat kan dus even duren maar ze komen echt. Ooit.

3ekster

Via www.devogelbon.nl

h1

Het is een goed jaar voor…..

02/09/2013

eikel

Het is een een uitstekend jaar voor eikels. Dat is leuk voor de vlaamse gaaien en de eekhoorns. Iets minder is het voor ons mensen want de eiken in onze tuin zijn behoorlijk aan de maat, zo’n twintig meter hoog, ze steken ruim boven het dak uit.

Enig idee hoe hard zo’n eikel aankomt na een vrije val van twintig meter?
Nu al horen we regelmatig een harde ‘pok’ wanneer er eentje neerkomt op de houten tafel.
En dan moet de herfst nog beginnen. We leggen de valhelmpjes alvast klaar.

Maar voor die tijd gaat de hele tuin op de schop. Het blijft een bostuin maar wel met een betere en evenwichtigere inrichting. De bloei en het groen worden eerlijker en gelijkmatiger verdeeld over de tuin en de seizoenen. De vijver wordt een maatje groter en vooral ook dieper zodat kikkers er ook in strenge winters in kunnen overleven. Het ratjetoe aan tegels maakt plaats voor mooie klinkertjes.
Wat blijft is de ruimte voor de kippen om te scharrelen en de voederplekken voor de vogels. Maar straks is er ook meer te vinden voor de vlinders. En is het uitzicht vanachter mijn bureau nog mooier.

Het is een goed jaar.

h1

Familiekwesties

18/07/2013

capucijners

Mijn familie is niet zo heel erg groot. Vroeger kon ik klasgenootjes schokken met het feit dat ik welgeteld één nichtje had. En inderdaad geen neefjes. Daarentegen had ik als tienjarige nog wel een overgrootmoeder, twee oma’s en twee opa’s en dat was dan wel weer bovengemiddeld. Qua generaties scoren we goed maar in de breedte wat minder.

Zowel mijn nichtje als ik hebben kinderen, ik al iets langer dan zij. Afgelopen zondag kwamen we elkaar weer eens tegen bij de verjaardag van haar moeder en mijn tante. Haar jongste dochters speelden met mijn zoon. Hun oma’s zijn zussen en waarschijnlijk zijn ze dus achterneef en -nichtjes van elkaar.

Niet geheel onlogisch spraken wij over familietrekjes. Qua nature zit er rood haar in ons deel van de familie: mijn moeder, mijn nichtje en haar dochter. Qua nurture valt vooral ons aangeleerde eetgedrag op. Of eigenlijk dat wat we niet hebben leren eten.

Mijn opa was namelijk vrij kieskeurig in wat hij wel en niet lustte en mijn oma voegde zich daarnaar. Het gevolg was dat met name veel soorten groenten geboycot werden en onze moeders volgden die lijn.
Zowel mijn moeder als mijn tante hanteren de praktische insteek dat je de dingen die je zelf niet lekker vindt ook niet op tafel zet. Of zoals mijn moeder het verwoordt: “Ik ga zoiets toch zeker niet bedenken, kopen, klaarmaken én opeten? Dat is vier keer ‘lijden’.”
Zo kwam er bij ons vooral sla, doppertjes, sperziebonen, tomaat, komkommer en bietjes op tafel. En zuurkool en boerenkool. En soms spinazie. A la creme.
Maar zeker geen ui, knoflook, rode of andere kool, andijvie, bloemkool, tuinbonen of spruitjes. Kapucijners wel toen we die een keer bij kennissen hadden geproefd. Maar dan wel uit blik.

Pas jaren later zag ik op kwekerij Zuidbos paarse peulen hangen. Het bleken kapucijners en ik had me nooit gerealiseerd dan ze a) zo groeien en b) zo verschrikkelijk lekker zijn. Daar zag en proefde ik ook voor het eerst raapstelen.
De man in de doorzonwoning houdt wel van al die verschillende groentes gelukkig, alleen over de portiegrootten willen we nog wel eens discussie hebben. En mijn kinderen zijn gelukkig ook wat minder kieskeurig geworden. Sommige familietrekje moet je ook niet koste wat kost willen bewaren.

h1

De leercurve van een kip

15/07/2013

Het gaat goed met ons kuiken, dank u. Het groeit met de dag en slaapt al enige tijd samen met moeder op de hoge stok. Achterstevoren en nog klem onder moeders vleugel tegen het vallen.

Image 15-07-13 at 21.58
Of het een haantje is of een hennetje blijft nog even de vraag. We hopen op het laatste want dat betekent dat we geen lastige keuze hoeven te maken. Er zijn een hoop discussies in de doorzonwoning maar dat twee hanen teveel van het goede is, daar zijn we het geheel over eens.

Intussen leert de kleine er iedere dag weer wat bij. Gisteren scharrelde het hele stel bij de buurvrouw toen ik wat voer strooide. Twee kippen en een haan stonden al snel te foerageren aan onze kant van het hek. Het kuiken was niet te zien maar wel te horen, een hoog gepiep kwam achter de struiken vandaan. Opeens zag ik een koppie door het gaas: uiterst verbaasd dat het niet meer zoals een paar dagen eerder erdoor kon stappen. Ook een tweede keer niet. Of een derde keer.

Uiteindelijk kwam zijn moeder hem halen. Of haar natuurlijk. Weer wat geleerd.

foto

h1

Van broeder naar moeder

30/06/2013

Al vanaf het begin deel ik de doorzonwoning, althans de tuin, met een aantal krielkippen. En zeker in de afgelopen thuiswerkjaren is het extra genieten van het gescharrel door de tuin. Op dit moment bestaat het clubje uit een haan, twee kippen en een kuiken. De twee dames leggen regelmatig een ei en meestal in het leghokje zodat ze makkelijk te rapen zijn. Soms zoeken ze een andere plek maar dat houdt de boel spannend en maakt dat het bij ons meerdere keren per jaren pasen is.

Hoewel de dames dus regelmatig eieren leggen is de behoefte om deze uit te broeden maar heel beperkt. Zo één keer per jaar slaan de hormonen om en blijft er een kip op de eitjes zitten. Hoe dat bij anderen kippenhouders is weet ik niet maar hier is het besmettelijk en kruipt de andere hen er ook bij. Twee kippen, gezusterlijk broedend op een aantal eieren.

Helaas is dat niet altijd even succesvol. Twee jaar geleden hadden de kuikens zoveel moeite om uit het ei te komen dat ze uitgeput binnen een dag het loodje legden. Vorig jaar bleken er weer vier dode kuikentjes in een verlaten nest te liggen. Oorzaak onbekend.

Dit jaar waren we dan ook alerter. De natuur moet zijn loop hebben, dat kunnen we billijken, maar in de gaten houden en eventueel een handje helpen leek ons een goed plan. De stippelkip begon met broeden en al gauw trok het kleine zwarte kipje bij haar in. We besloten dat drie kuikens voldoende moest zijn en haalden de extra eieren weg.
Drie weken duurt het, van ei tot kuiken, en we bleven controleren.

Op een ochtend lag er een eierschaal buiten het hokje maar geen kuiken te vinden. Het zou toch niet weer een herhaling worden van de jaren daarvoor?
We verscherpten de controle en de volgende dag tilde ik de kip op en ja hoor: een prachtig klein piepkuiken.

krielkuiken

Na het maken van de foto zette ik het beestje terug bij de moeders. Waarop de stippelkip fel uithaalde naar het kuikentje en maar net naast het koppie pikte. Ai. Hier had de natuur even vergeten een knopje om te zetten van ‘broeden’ naar ‘moederen’. Met het kuiken in de hand voerde ik telefonisch overleg met de man des huizes. Uit elkaar halen was de enige optie en proberen of de andere kip het beter zou snappen.

Het werd een apart kooitje in het kippenhok voor het kuiken en het zwarte kipje. Gelukkig ging dat goed en het kuiken zat al gauw onder moeders vleugels. De stippelkip mocht het derde ei nog uitbroeden maar dat was weinig succesvol, na een paar dagen was er nog geen barstje te zien en zetten we er een punt achter.

Intussen gaat alles weer zijn gewone gang. Haan en stippelkip sjouwen samen rond en dat geldt ook voor moeder en kind. Steeds vaker zijn ze ook met zijn vieren en de aparte kooi is al lang opgeheven.
Nu is het alleen nog spannend of het een haan of een hennetje is. In het laatste geval blijft alles zoals het is, in het eerste geval zal er een keuze gemaakt moeten worden want twee hanen is teveel van het goede in de tuin van een doorzonwoning. We zullen zien.

krielkippen

h1

Stresskip

23/06/2013

Je kent ze wel, die druk rondrennende vrouwen, even de prioriteiten niet meer op een rijtje en de paniekmodus op volle sterkte. Daar plakken we al snel een etiketje op: stresskip.

Nou hebben wij kippen in de tuin, van de zeer scharrelige soort trouwens, en uit ervaring kan ik zeggen dat een hele duidelijke overeenkomst is tussen bovenstaande vrouwen en een gestresste kip. Soms raakt hier een kip lichtelijk in paniek, bijvoorbeeld door een hond die iets te hard langs komt rennen. Dan stuift de kip weg, al kakelend en blijft dan nog minstens een minuut of tien vast zitten diezelfde alarmkakel. Onderwijl schichtig om zich heen kijkend alsof er minstens een tiental vossen met mes en vork in de aanslag likkebaardend door de tuin marcheren. De paniekkakel neemt heel langzaam af en dan wordt het gewone leven weer hervat.

Het nut van dit stresskippengedrag was ons niet helemaal duidelijk. Tot afgelopen week. We hebben namelijk een kuikentje. Het hele broedverhaal is nu even te lang om te vertellen maar de kleine zwarte kip voedt heel kundig en keurig een nieuwe generatie op.

Afgelopen dinsdag mochten ze met de andere kip en haan mee naar buiten. Kennelijk vond moeder het tijd om de het grote kippenhok te verruilen voor de leerschool van de grote buitenwereld want ze stond al te wachten tot de deur van het hok open ging.
Na ongeveer een uur stoof de hond al blaffend de achtertuin in, kennelijk was er iets dat heel nodig weggejaagd moest worden. Moederkip nam het zekere voor het onzekere en ging in de aanval, de hond gooide er nog een schepje bovenop en uiteindelijk zat er een luid kakelende stresskip op de schutting. En geen kuikentje te bekennen.

We zochten overal maar vonden niets. We speculeerden over loslopende katten, loerende eksters en brutale kauwen. We probeerden ons te herinneren wat nu precies oorzaak en gevolg waren: was er een rover in de tuin en schoot de hond te hulp? Of had de hond iets anders in de kop en voelde de kip zich aangevallen? We zullen het nooit weten.

Intussen kakelde de moederkip op de schutting maar door, als een een hangende langspeelplaat. Heel, heel langzaam werd ze wat rustiger. En nog veel later sprong ze op de grond, in de tuin van de buren. Vanuit de werkkamer zagen we vlak daarna het zwart kipje onder de schutting door komen en het grasveldje oversteken. De paniekkakel was weg maar nu maakte ze een klukklukkend geluid – en ja hoor, daar kwam in één keer het kuiken tevoorschijn. Door de paniek- en alarmroep van moeders had die zich keurig verstopt en gedeisd gehouden.

Kijk, en daar is het stresskippen dus goed voor: de aandacht afleiden.

Moeder en kind, vader en tante maken het trouwens nog steeds goed.

IMG_9553

IMG_9546

IMG_9550

h1

Buizerd op zolder

08/10/2012

Zondag, eind van de middag. De man kookt mossels in de keuken, ik ruim nog even wat wasgoed op. Plotseling hoor ik iets kapot vallen en het blijft maar vallen, alsof er een bak Lego omgaat.  Ik roep naar beneden of alles wel goed gaat maar de man vraagt aan mij hetzelfde.
Wat is er dan kapot?
Beneden niets, eerste verdieping niets, maar opeens zie ik glasscherven op de zoldertrap. Voorzichtig gaan we naar boven want wat is er gebeurd dat het glas zo ver het huis in komt?

In de dakkapel zitten drie ramen en in het meest rechtse zit een groot gat. Het is extra stevig dubbel glas en toch zit er door en door een gat in van pakweg 15 tot 20 centimeter doorsnede. We denken aan een vogel maar zien geen veren. Er ligt ook geen vogel in de tuin of in de goot. Maar echt overal ligt glas.

Dit is niet zo maar opgeruimd en we besluiten eerst maar te gaan eten want anders is het zonde van de mossels. Aan tafel proberen we te bedenken wat de oorzaak is geweest. Jaren geleden is eens een raam ingeschoten met een luchtbuks (dat verhaal staat hier) maar dat was enkel glas en zelfs toen was de ravage minder.
Een steen? Hoe hard moet je gooien om een steen door dubbel glas te gooien? Van een zolderraam? Ooit heb ik het raampje met dubbel glas naast mijn eigen achterdeur met een steen ingeslagen omdat de sleutels nog in de achterdeur zaten (de meneer van de woningbouwvereniging kon mij niet aan een sleutel helpen maar herinnerde mij er wel aan dat ik een glasvezekering had) en dat was zwaar werk.
Het mysterie werd dus alleen maar groter.

Uiteindelijk verzamelden we alle moed en klommen naar boven om op te ruimen. Ik liep iets verder de zolderkamer in en daar was de dader: naast het bureau, op de grond zat een grote roofvogel mij met gele ogen aan te kijken en schuifelde toen verder onder de beschutting van het schuine dak. Een buizerd, zei de man meteen.


Wat doe je met een buizerd? In ieder geval niet proberen om zelf te pakken was de snelle managementbeslissing. Hij zat dan wel heel rustig maar als een kat in het nauw alle rare sprongen maakt, dan namen we zeker geen risico’s met een buizerd.

Terwijl ik heel rustig en voorzichtig de grootste scherven opruimde belde de man de dierenambulance. Met een half uur stond hij voor de deur. De man verheugde zich duidelijk op een echte buizerd, voor hem toch ook geen dagelijkse kost.
We maakten ruimte door wat spullen te verzetten en met een snelle greep had hij hem te pakken, gewoon bij de poten.

Voor de snavel was hij niet zo bang maar voor de klauwen des te meer. De buizerd leek redelijk in orde, bij rustig heen en weer bewegen hield hij zijn koppie netjes recht.  Zijn snavel was wel beschadigd, de bovenkant was gespleten, het was een Rob-de-Nijs-modelletje geworden. Volgens de man van de dierenambulance was dat echter niet zo’n probleem.

De vleugels leken ook nog intact maar bij nadere controle vermoedde hij een breuk van de ‘wijsvinger’.

In een plastic kooi ging hij mee naar Utrecht, naar de vogelopvang. We zullen over een paar dagen eens bellen hoe het er mee gaat.
De man van de dierenambulance zei nog dat het maar goed was dat het geen echt dubbel glas was. Hij geloofde het bijna niet toen we zeiden dat het gloednieuw thermo ++ glas was, van een  jaar oud.

Het lijkt er in ieder geval op dat de buizerd in een duikvlucht door het raam is gegaan, gezien de afmetingen van het gat en de weinige veren die we hebben teruggevonden. En dat ie een ongelooflijk harde kop heeft. En dito geluk.

Wij kunnen in ieder geval weer jaren voort op verjaardagen.