Posts Tagged ‘2014’

h1

Jongens

26/10/2014

In mijn omgeving waren er veel ’59-ers – allemaal vrijgesteld van militaire dienstplicht. En veel van de mede-61-ers werden bijzonder dienstplichtig. Mijn broer uit ’64 – hoefde niet in dienst. De enige met militaire ervaring in onze familie was mijn vader die zich als officier bij de verbindingsdienst (want HBS-B gedaan) zelf nog het meest verrast leek dat er naar hem geluisterd werd en dat hij met wat blufpoker de juiste kapotte radiolijn wist aan te wijzen.

Bij het selectiecentrum voor de politie kwam bij het doornemen van de CV’s vaak ook de militaire dienst ter sprake maar die verhalen gingen vooral over verveling, de obscure functies (zoals lijntrekker of herkenner van Russische militaire voortuigen) of het behaalde vrachtwagenrijbewijs.

Afgelopen week was ik op een veteranendag van Unifil. Daar liep mijn generatie mannen rond, zij die als dienstplichtige, al dan niet vrijwillig of aangewezen of als beroeps, eind jaren zeventig, begin tachtig naar de eerste vredesmissie gingen in Libanon. En die terugkwamen na zes, twaalf of achttien maanden in een Nederland dat geen of weinig benul had wat deelname aan zo’n missie inhield.

De veteranendag was een reünie, met de jongens die het echt hebben meegemaakt. Rondom-de-vijftig-ers liepen alleen rond of in groepjes. Sommigen in hun gewone burgerkloffie, sommigen in vol ornaat. Sommigen met badges op hun jas of zelfs tatoeages als symbool van de blijvende invloed van de uitzending op de rest van hun leven. Terwijl de één herinneringen ophaalde aan een fantastische buitenlandse reis kon de ander nog niet zonder PTSS-hulphond.

 

PTSS hulphond

En veel blauwe baretten, de één nog iets meer verschoten dan de andere, maar allemaal met trots gedragen. Hoewel soms in de kontzak. Gezien de striemen op sommige hoofden paste de baret niet iedereen meer even goed als 35 jaar geleden.

blauwe baret

 

h1

Te doen, streep, gedaan

20/10/2014

Ik ben dol op lijstjes, vooral lijstjes waar je kan afstrepen.
Mijn eerste dagen op de Montessorischool, waar ik in de vijfde klas instroomde, bracht ik door met het maken van een aftekenschrift. Bladzijden en bladzijden in een ruitjesschrift, stuk voor stuk gewijd aan een serie werkjes of kaarten. Per serie een eigen kolom, ieder met een eigen lengte, ieder werkje een eigen hokje. Taal, rekenen, aardrijkskunde –  het stond er allemaal in.
Had je een kaart of werkje goed afgerond dan werd deze afgetekend in het schrift. De onderwijzer noteerde de datum en zelf kleurden we de vakjes vaak nog voor extra effect.
Zo kon je precies zien wat je al gedaan had en wat er kwam. Aan het eind van de zesde klas was mijn schrift praktisch helemaal vol. Wat een heerlijk voldaan gevoel was dat.

Boodschappenlijstjes – tegenwoordig maak ik ze wel eens in Appie, de app van Albert Heijn. Die sorteert de boodschappen zelfs op looproute van onze eigen vestiging. En met één tikje streep je door wat er al in het karretje ligt. Heerlijk.

Sinds een paar weken heb ik een Fitbit – een bandje om mijn pols die telt hoeveel stappen ik heb gedaan. Met een bijpassende app op mijn telefoon waarop ik kan zien of ik mijn doel al heb gehaald. Tienduizend stappen is de bedoeling, iedere dag weer. Als ik dat haal dan knipperen de vijf kleine lichtjes op de armband en begint deze te trillen. Supersimpel maar het werkt wel. Nu loop ik graag drie keer per dag het rondje met de hond door het bos en soms neem ik zelfs een extra lange route om mijn doel eerder te halen.
Zo simpel kan meer bewegen dus zijn.

En dan natuurlijk de to-do-lijst – het lijstje met alle dingen die ik graag zou willen doen op een dag. Of zou moeten doen. Er staat eigenlijk altijd te veel op en meestal kijk ik aan het eind van de dag wat teleurgesteld naar de paar vinkjes die ik heb kunnen zetten.
Vandaag deed ik het anders. Naast het to-do-lijstje lag een done-lijstje: dat werd in de loop van de dag een lange lijst van allemaal nuttige zaken die ik wel had gedaan maar die niet op de to-do-lijst stonden. Omdat ik ze even vergeten was of te gewoon vond (email bijvoorbeeld en Twitter) om ze te plannen.
Ik ga dat vaker doen, zo’n done-lijstje. Omdat het een lekker gevoel geeft.

IMG_3421

h1

Sint Joris en de draak

17/08/2014

Herdenking 15 augustus De Bilt

Vandaag sprak mijn vader bij de herdenking van de capitulatie van Japan, op 15 augustus 1945 over hoe hij de bevrijding had ervaren, 69 jaar geleden.

merapi-na-uitbarsting-19302
Bij zijn geboorte in Jogjakarta, op 29 december 1930, barstte de Merapi uit en volgens de Indonesiërs was dat een goed voorteken.
Toen zijn vader aangifte ging doen in de stad, 18 kilometer van de suikerfabriek waar zij woonden, ging een planter met hem mee. Zijn naam was George Poppink. Mijn opa en oma noemden hun zoon Ronald en op aandringen van de planter kwam daar de tweede naam ‘George’ bij. “Daar zou de jongen later geen spijt van krijgen.”Mijn opa heeft dat verhaal later nog vaak verteld. Met teleurstelling want hij had verwacht dat het geen spijt krijgen iets met geld te maken zou hebben.
Mijn vader ziet ‘George’ nu als een vorm van bescherming en begeleiding die hem veilig door moeilijke situaties heef tgeloodst.

En augustus 1945 was een moeiijke situatie. In het jongenskamp in Ambarawa waar mijn vader zat werd in augustus 1945 de capitulatie van Japan bekend. De kamphekken gingen open en vanzelfsprekend wilde mijn vader als veertienjarige maar één ding: zijn moeder en zusje opzoeken die hij bijna een jaar daarvoor acher had moeten laten in het vrouwenkamp. Toen hij echter de poort uitstapte werd hij tegengehouden door een andere jongen, zijn moeder was al onderweg vertelde hij.
En inderdaad kwam ze samen met zijn zusje van zes aanrijden op een andong, een kar met paard. Samen reden ze naar het station in Ambarawa om met de trein terug te gaan naar Jogja, naar huis.
Het station was druk en vol en de treinen reden niet. Wat te doen? Maar mijn oma was gezien door een werknemer van de plaatselijk Chinese bakker. Daar kenden ze haar omdat ze er af en toe boodschappen kwam doen toen er nog geld was in het kamp. Ze was namelijk verpleegster en begeleidde soms een zieke naar het plaatselijke ziekenhuis. Van mede-kampbewoners kreeg ze dan geld en boodschappenlijstjes mee. Ze ging met één andong heen en kwam er met twee volgeladen exemplaren weer terug.

De Chinese bakker hoorde dat zuster Wong met haar kinderen vast zat op het station en zij meteen: “Ophalen die zuster!’
Ze kregen een warm welkom en een hele kamer voor zichzelf inclusief mandibak: een ongelooflijke luxe na de kampjaren.
De bakker had ook een eethuisje met veel aanloop van Europeanen die graag weer Hollandse kost wilden eten. Hij maakte biefstukken maar veel te doorbakken naar de smaak van mijn oma. Ze nam het van hem over en bakte wekenlang biefstukken op de Hollandse manier voor de klanten en ‘verdiende’ zo haar kost en inwoning.
Mijn vader ziet de hand van George die hem en zijn moeder en zusje bij elkaar bracht en onderdak regelde bij de Chinese bakker.
Ik zie bewijs dat ‘wie goed doet, goed ontmoet’.
De chaos bleef, de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië was begonnen en uiteindelijk waren de bescherming van een bevriende familie en zelfs een voormalig interneringskamp nodig om veilig te zijn. Mijn opa voegde zich bij het gezin vanuit het krijgsgevangenenkamp in Japan en via een Amerikaans opvangkamp in Manilla. De weg terug naar vroeger, naar de fabriek, het oude huis en vooral ook het oude leven, was er niet meer.
Maar ze overleefden. Mijn vader kwam als eerste naar Nederland en ging inwonen bij een oom en tante in Amsterdam, hij moest hoognodig naar school. Over het kamp en de oorlog in Indië werd niet veel gesproken. In Amsterdam zat de hongerwinter nog vers in het geheugen en in ieder geval was het in Indië mooi weer geweest.

Oorlog is chaos. Het einde van de oorlog ook. Heeft George mijn vader er doorheen geholpen? Als een St. George (Sint Joris) strijdend tegen de oorlogsdraak?
Of zegt het meer iets over mijn familie die graag overal verhalen en vergelijkingen van maakt? Want dan gooi ik nog even in de strijd dat wij jarenlang met mijn vader en oma op zaterdag boodschappen gingen doen op de markt van Amersfoort. En als mijn kinderen mee waren dan keken we altijd even naar Sint Joris en de Draak  die op het hele uur tevoorschijn kwamen op het dak van de Boterwaag. Toeval?

Amersfoort_-_Sint_Joris_en_de_Draak_op_de_Boterwaag

h1

Mussen

14/06/2014
Mussen

Mussen

Jaren geleden was er iemand in Vroege Vogels die vertelde over het waarom van de terugloop van het aantal mussen. Het ging om nestruimte want ze kunnen niet meer onder de pannen tegenwoordig. En om voer want de vegetatie in onze tuinen en velden was kennelijk niet meer toereikend voor hun dieet.

Om die gezellig kwetterende kudde musjes weer in de tuin te krijgen moest je voeren – niet alleen in de winter maar juist het hele jaar door.

En dat zijn we gaan doen.
Vorig jaar kwamen er naast de vele mezen en kauwen ook incidenteel één of twee mussen langs.
In het begin van dit jaar was het een klein clubje van drie tot vijf mussen.
Vorige maand resideerde eem mussengezin met drie kleine fladderaars bijna permanent in de voerkooi. Als een all-inclusive-eet-zoveel-je-wilt-resort. Een soort McFly voor mussen.
Deze maand is de aanzuigende werking zichtbaar. Regelmatig hangt een club van tien tot vijftien grote en kleine mussen op, in en rond de voerkooi.

Mussion accomplished.

h1

Service KPN – update

18/04/2014

Na mijn vorige verhaal over hoe KPN omgaat met storingen kreeg ik een aantal reacties. Dit was er eentje van:

Screen Shot 2014-04-18 at 13.44.54

Nu weet ik natuurlijk niet welke van de vele telefoontjes en tweets uiteindelijk er voor heeft gezorgd dat de telefoonlijn weer is gerepareerd.

In ieder geval levert online snellere reacties op, zelfs een weblog. Deze reactie kwam van KPN webcare waar ze kennelijk goed opletten.

Screen Shot 2014-04-18 at 13.45.08 Screen Shot 2014-04-18 at 13.45.13 Screen Shot 2014-04-18 at 13.45.18

En nu maar afwachten of het echt een goede vrijdag is en het gaat lukken met die bloemen.

Zondag, 20 april: het is gelukt. Vrijdag werd een grote bos bloemen bezorgd namens KPN!

h1

De bijzondere service van KPN

16/04/2014

roodlampje

Wel oud maar nog lang niet gek had ‘mijn bejaarde’ van 91 goed opgemerkt dat het lampje van de persoonsalarmering knipperde. Toen ze haar thuiszorgorganisatie daarover wilde bellen bleek de telefoonlijn dood. Het was vrijdag.

Ze heeft nog een echte papieren telefoongids maar zelfs met de loep kon ze geen storingsnummer vinden. ’s Avonds kwam de thuiszorg haar steunkousen uitdoen en ze vertelde van de telefoon. De hulp belde mobiel direct met KPN en die stuurde de volgende dag een monteur. Prima service.

Helaas, de monteur was dan wel een aardige, beleefde en vriendelijke jongen maar hij kon het defect niet vinden. Hij zou in een kast op de begane grond van de seniorenflat moeten zijn maar die was op slot en hij had geen sleutel. Jammer maar hij kon niets meer doen en ging weer weg.
Of hij niet een nieuwe afspraak moest maken vroeg zij nog. Nee, dat moest ze zelf doen.

Dus iemand van 91, zonder persoonsalarmering (want dat werkt op de analoge telefoonlijn), moet zonder telefoon een nieuwe afspraak maken?

De thuiszorg belde zondag verontwaardigd naar de storingsdienst en gaf zelfs nog het nummer van Woonzorg, de eigenaar van het pand. Er werd weer een aantekening gemaakt, er zou aan worden gewerkt en excuses voor de gang van zaken.

Maandag kwam ik op de thee, hoorde het verhaal en begreep toen waarom de telefoon niet was opgenomen toen ik ’s ochtends belde. Ik pakte de telefoongids en belde het storingsnummer van 0,10 cent per minuut.
De eerste boodschap van het bandje was dat ik ook een gratis nummer kon bellen. Ik legde op en belde het gratis nummer. En hield meteen de telefoon een stuk van mijn oor: de één of andere marketingidioot leek het leuk om te beginnen met een snerpend fluitmuziekje.

[Voor wie het wil uitproberen: bel 0800-0402. Kost niets. Behalve je oren. Maar je bent gewaarschuwd, dat scheelt.]

Na twee keuzes in het menu volgde de boodschap dat het erg druk was en wel langer dan vijf minuten kon gaan duren. In het kader van ‘underpromise, overachieve’ kreeg ik direct daarna een medewerker aan de lijn. Een aardige jongen, die het verhaal aanhoorde, excuses maakte, alle gegevens noteerde en lange stiltes liet vallen terwijl hij kennelijk iets aan het opzoeken was. Ik benadrukte nog een keer dat een alleenstaande dame van 91 niet alleen zonder telefoon maar ook zonder persoonsalarmering zat.

Hij beloofde het uit te zoeken en met een uur terug te bellen naar mijn mobiele nummer.

Niet helemaal verbazingwekkend bleef het ook na een uur stil. Ik belde opnieuw naar het gratis nummer, schrok weer van de muziek, toetste door het keuzemenu, werd weer verteld dat het zeker vijf minuten ging duren en kreeg weer meteen daarna een aardige jongen aan de lijn. Waarschijnlijk een andere want ik mocht het hele verhaal opnieuw vertellen. Ook hij maakte excuses, zocht dingen op, noteerde weer alle gegevens en beloofde dat dezelfde dag nog contact opgenomen zou worden met Woonzorg over de sleutel van de kast beneden.

Intussen realiseerde mijn bejaarde zich nu ook dat het alarm niet werkte en dat maakte haar niet geruster.

’s Avonds thuis belde ik nog eens naar mijn bejaarde, er werd twee keer niet opgenomen en dus belde ik weer met de storingsdienst. Niet meer geschrokken maar wel extra geërgerd door de muziek was er dit keer geen waarschuwing dat het langer kon duren. Na tien minuten wachten kreeg ik dan ook een aardige jongen aan de lijn. Hij vroeg weer alle gegevens, nam rustig de tijd om alles door te lezen en concludeerde toen dat ik contact zou opnemen met Woonzorg. Een paar minuten later had ik hem overtuigd van zijn ongelijk. Hij beloofde te alles te doen wat hij kon, hij zou het escaleren. Voordat ik echt blij kon kijken legde hij uit dat dit betekende dat KPN mij binnen 24 uur zou terugbellen.

Ik legde mij er bij neer dat dit het beste was wat ik kon bereiken. Onafhankelijk van mij belde de thuiszorg ook nog een aantal keer.

En ik werd een beetje boos op Twitter. Dat werkte want plotseling reageerde @kpnwebcare. Via een DM meldde ik op hun verzoek het precieze probleem. Weer excuses, medeleven en de belofte om uit te zoeken wat er aan de hand was. Uiteindelijk leverde dat, na nog een keer vragen, op woensdag de mededeling op dat er ’s middags een monteur langs zou komen. En of ik om 15.00 wilde laten weten of het gemaakt was.

Vol verwachting belde ik mijn bejaarde om en ja hoor, ze nam op. Vanaf elf uur die ochtend deed de telefoon het weer. Dus de monteur die ’s middags zou komen had het ’s ochtends al gemaakt.

Ik meldde het netjes bij @kpnwebcare. Die waren ook blij om dat te horen. En ze boden een bloemetje aan.

Screen Shot 2014-04-16 at 11.27.24
Dat bloemetje was zondag nog niet gearriveerd. Maar wie weet. En na die escalatie ben ik ook nooit meer gebeld door KPN.

Mijn conclusie? Dat het tijd wordt dat de KPN-manager die verantwoordelijk is voor service eens zelf gaat bellen met de eigen storingsdienst. Zou dat niet een stuk gaan schelen in klantvriendelijkheid?

 

 

 

 

h1

Kantoortuin

10/04/2014

Een groot deel van de dag zit ik achter mijn laptop. Tussen het tikken, mailen en twitteren door kijk ik vaak over het scherm heen naar buiten, de tuin in.

De tuin die we vorig jaar helemaal hebben laten opknappen. De oude grindtegels met onhandige op- en afstapjes werden vervangen door mooi klinkertjes maar kregen ze een tweede leven als muurtje langs een aantal opgehoogde borders. De vijver werd verplaatst en aanzienlijk vergroot, oude uit de kluiten gegroeide planten verwijderd, een paar mooie struiken goed gesnoeid en er kwam een nieuwe schutting.

En heel veel nieuwe planten. In plaats van één keer per jaar te genieten bloeiende gele struiken zouden we het hele jaar omringd worden door een groot scala aan bloeiende bodembedekkers, planten, struikjes, struiken en boompjes. Kruiwagens vol werden begin oktober de tuin ingereden en op hun plaats gezet. En zo veel als het leek in die kruiwagens, eenmaal geplant zag het er nog knap kalig uit.

Natuurlijk wisten we dat het allemaal nog moest gaan groeien. Sommige planten doken voor de winter onder, andere bleven dapper met wat groene blaadjes en kale steeltjes boven de grond. Een enkeling toonde zelfs al wat bloemetjes. De grote jongens in de tuin – de drie eiken, de gouden regen en de krent – lieten hun bladeren vallen en het werd nog een beetje kaler. Het werd steeds moeilijker om ons voor te stellen hoe het er straks in alle pracht en glorie uit zou komen te zien.

Maar de afgelopen maanden werd het warmer en de bovenblijvers toonden nieuwe, frisse blaadjes. In maart kwamen de nieuwe en de oude bolletjes op – zoals sneeuwklokjes die het verhuisbericht niet gekregen hadden en opeens midden in een nieuw pad bleken te staan.

Genietend van het al het nieuwe groen worden we nu iedere dag verrast door nieuwe planten die opeens boven komen. Voorlopig staan alleen zevenblad en gras op de verwijderlijst, van de rest hebben we vaak geen idee of het een ‘goeie’ of ‘foute’ is.

Ter vergelijking. De oude tuin. De hoek links van de eiken is helemaal volgegroeid en onbegaanbaar.

IMG_1474

De tuin, vers na de metamorfose. Nieuwe bestrating, een pracht van een vijver, een verse, stevige schutting en nieuwe (aarden) paadjes. In de perken overal nieuwe, onwennige planten die hun draai nog moeten vinden.

IMG_1978

En zo zag het er gisteren uit. De planten vinden hun plek, de vijver wordt al weer bewoond door salamanders. En natuurlijk helpt het ook dat de ‘grote jongens’ weer langzaam in blad komen.

IMG_2186

Met zo’n kantoortuin wil toch iedereen thuiswerker worden?