Archive for mei, 2016

h1

Logeerhond

21/05/2016

IMG_5288

Onze vaste logeerhond is er weer: Pepper.
We zijn vaste logeeradressen over en weer, al jaren, al honden geleden.

We noemden haar de Pup met de Grote Oren toen ze voor het eerst kwam. Intussen is ze geen pup meer maar de oren mogen er nog steeds zijn. Dat hoort ok wel bij de Hollands Herder, ook de ruwhaarversie. De dames vermaken zich over het algemeen prima samen. Hier geen water zoals in Almere, waar ze spreken over Zeska Kromowidjojo. Maar wel takken, flossen en kleedjes waar je samen aan kan trekken. We hebben nu twee kleedjes.

 

#100dayproject – dag #32

h1

Waarom ik niet koop bij Bol.com

19/05/2016

IMG_5269
Vroeger bestelde ik vaak mijn boeken bij Bol.com: lekker thuis kiezen, bestellen en thuis afgeleverd krijgen. Maar toen zag ik een twitterbericht van Kramer & Van Doorn, iets als: ‘Wij zijn niet duurder dan Bol.com en kunnen ook snel en thuis leveren.’

En dat zette mij aan het denken. Want er is weinig zo mooi als rondsnuffelen in een goede boekwinkel. Rondkijken, bladeren, stukje lezen en het advies van een goede boekverkoper. Wat zou het jammer zijn als dat soort winkels zouden verdwijnen.

En dus bestelde ik mijn volgende boek bij @boekhandelkrvd en haalde het persoonlijk op in Zeist. Zeker weten doe ik het niet maar grote kans dat ik meteen nog een boek uit de winkel heb gekocht. Daarna werd het vaste prik: boek bestellen per Twitter en ophalen.

Na een paar jaar weten ze nu ook precies wat wij leuk vinden. Ze weten dat we ieder jaar in september op de lijst staan voor de nieuwe Lee Child en wachten op het volgende deel van de Q-serie. Voor een vakantie of lang weekend ga ik langs, soms al met een titel in mijn hoofd maar vaak vraag ik om een aanbeveling.

Zo las ik in Portugal ‘De waarheid over de zaak Harry Quebert’ van Joël Dicker – een soort moderne Agatha Christie, een whodunnit in de vorm van een boek in een boek over een boek. Midden in de roos. En daarnaast ‘De hoge bergen van Portugal’ van Yann Martel, de schrijven van Life of Pi. Het speelt voor een belangrijk deel in de streek waar wij rondreden en het is een soort Rivella-verhaal: vreemd maar wel lekker. Het levert prachtige beelden die op een goede manier in je hoofd blijven hangen.

Het mooie is: waarschijnlijk had ik deze boeken nooit zelf van de plank gepakt maar ik ben blij dat ik ze gelezen heb. Leve de boekhandel, hiep hiep hiep hoera!

#100dayproject – dag #31

h1

Ermelo

18/05/2016

Met de auto door het noorden van Portugal. De kaart was niet echt gedetailleerd maar goed genoeg om een richting mee te bepalen. Natuurpark, kronkelende weggetjes, groene strepen langs de wegen dus met mooi uitzicht. Om het ons makkelijk te maken hadden we de TomTom meegenomen – een kwestie van een plaats opzoeken, intikken en de route volgen.

Het is dus de kunst om een plaatsnaam te vinden op de kaart die wel over de mooie routes móet gaan. Die ochtend kozen na een beetje zoeken voor Ermelo – altijd leuk om een Nederlandse plaats in het buitenland te bezoeken. TomTom deed zijn ding en we reden door de prachtige heuvels/bergen van Portugal. Opeens zagen we een bord dat aangaf dat de weg naar Spanje ging en dat klopte niet helemaal met ons beeld van de route.

Kaart erbij, TomTom uitzoomen, Google maps op de telefoon erbij en we waren inderdaad naar het noorden gereden in plaats van het oosten.
Er zijn dus twee Ermelo’s in Portugal. Echt.

IMG_5217

#100dayproject – dag #30

h1

Den Dolder CS

17/05/2016

Het is één van de oudste gebouwen van Den Dolder. Nu is het dorp net iets meer dan honderd jaar oud maar het station neemt vanaf het begin een centrale plek in.
In feite is het huidige Den Dolder gestart met een halteplaats langs de spoorlijn, daar waar deze de Dolderseweg kruiste. Daarna kwam de zeepfabriek, gevolgd door de WA Hoeve. Werknemers kwamen er wonen en voilá, er was een dorp.

IMG_5292
Als snel kreeg het station een echt gebouw: voor het grootste deel van hout en met een karakteristiek overstekend dak. Het is nu een rijksmonument en de NS kan niets anders doen dan het onderhouden. De kaartverkoop is al lang verhuisd naar automaten aan de rand van het perron en de wachtkamer is vaker dicht dan open. Verder wordt het gebouw niet gebruikt.

Zo’n twee jaar geleden werd flink aan de bel getrokken dat het onderhoud werd verwaarloosd, iets dat met een houten gebouw redelijk funest is. Uiteindelijk hoorde de juiste afdeling de alarmklok en er werd opgeknapt en geschilderd.

Dat was ook het moment dat we met een aantal zelfstandig ondernemers voorzichtig begonnen te fantaseren over een werkruimte in het stationsgebouw. Het werd een lang verhaal met een enthousiaste gemeente, iets minder enthousiaste projectleiders, langzame contacten met NS maar nu gaat het er toch echt op lijken. Binnenkort komt er een coöperatieve vereniging en gaan we midden- en achterste deel van het gebouw huren en opknappen. Dan kan er worden geflexwerkt en vergaderd door de leden en misschien ook wel door incidentele zaalhuurders.
In ieder geval gaan we ook netwerkbijeenkomsten doen: het station hebben we niet voor niets CS genoemd, met de C voor Centraal. Een plek waar je leuke en interessante mensen en ondernemers kan ontmoeten, van elkaar kan leren en elkaar op weg helpen.
Op een plaats en een manier die past bij ons dorp: met karakter maar zonder poespas.

Ben je of ken je iemand die misschien die interesse heeft? Stuur mij een email en we houden je op de hoogte!

#100dayproject – dag #29

h1

De vallende boom op Schrödingers kat

16/05/2016

343377.full

Zo’n extra pinksterzondagmiddag stemt tot nadenken. Of een maandag wel een zondag kan zijn bijvoorbeeld. En wat belangrijker is: een blog schrijven of gelezen worden?
Ik kies voor de makkelijke weg: schrijven van blogs omdat het leuk is. Vrije keuze van onderwerp en vorm, geen gedoe met aantallen woorden, doelgroep en schrijfstijl. Geen productnamen, oprolbare teksten, quotes en bedrijfsomschrijvingen. Wél de grote en kleine onderwerpen uit mijn eigen omgeving – wat mij opvalt, wat ik leuk of soms zelfs interessant vind.
Omdat het soms wel lekker is om een stok achter de deur te hebben doe ik mee aan het #100dayproject waarbij je een goed voornemen honderd dagen achter elkaar uitvoert. Voor mij dus iedere dag een blog.

Moet het dan ook gelezen worden? Als ik niet reken op lezers, kan het ook niet tegenvallen. Zo lang je de doos niet open doet weet je nooit of die fameuze kat van Schrödinger dood is. Als je de boom niet hoort vallen hoef je niet na te denken of het wel gebeurd is.

Ik schrijf mijn stukjes en de man constateert: “Hé, je hebt weer een stukje geschreven, zet nog even een t achter heef?”
Maar gisteren wilde ik een verhaal vertellen over bedevaartgangers en de zoon riep: “Ja, ik lees je blog ook hoor, mam”.
En mijn moeder (hoi mam!) liet via Wordfeud weten dat ze aan het bijlezen was over onze vakantie. Gisteren liet iemand via een retweet weten dat ze ‘Gesprek’ van leuk vond.

De vallende boom wordt gehoord dus. Nu maar hopen dat de kat er niet onder ligt 🙂

#100dayproject – dag #28

h1

Gesprek

15/05/2016

IMG_5074

Op de terugweg van mijn wekelijkse bejaardenbezoek loop ik langs het fietspad dat vroeger ooit een spoorlijn was tussen Zeist en Bilthoven. Het zonnetje schijnt maar de wind is fris koud en het is rustig. Dan komt in de verte een fietser tegemoet, een meter of twintig voor mij stopt hij en stapt af. Ik denk dat hij de weg wil vragen maar het blijkt hem om een praatje te gaan.

Hij spreekt snel en wat binnensmonds, ik vang maar hier een daar een woord op. Op goed geluk zeg ik ‘ja’ en ‘mooi’ en hij lijkt daar tevreden mee. Langzamerhand wen ik een beetje aan zijn spreekstijl en begrijp er iets meer van.
Hij fiets kennelijk graag, vaak ook naar de Lage Vuursche maar dat is nu te ver. Hij heeft last van zijn lies, zijn neus is of moet geopereerd en vorig jaar heeft hij een operatie aan zijn vinger gehad. “Ik heb op Sterrenberg gewoond, op de gesloten afdeling. Toen dronk ik veel en dan sluiten ze je op. Maar nu gaat het goed met mij. Ik heb ook HIV, dat je mijn bloed niet mag aanraken. En ik heb werk op een boerderij, er zijn net twee biggetjes bij. En ik heb al drie diploma’s gehaald: eentje voor schakelen op de maaimachine, u weet wel, vier keer voor- en achteruit rijden. En voor de motormaaier. En van de winter ga ik hout kloven.”

Dat van die neus en vinger had ik kennelijk niet helemaal goed begrepen want hij moet nog of weer geopereerd. “Mijn neus, dat komt door het kickboksen vroeger, daar willen ze het bot uithalen. En mijn vinger, daar hebben ze een echo van gemaakt en er zit nog glas in, dat moet eruit.” Er volgt een ingewikkeld verhaal over een andere man, een ingeslagen ruit en dat die nog opgesloten zit.
“Die operatie aan mijn hand, daar zit ik niet op te wachten, dan mag ik vijf weken niet werken. Maar mijn baas heeft al gezegd dat ie me gewoon komt halen. Want verder lopen er allemaal van de jonge gassies, eigenwijs en weten nergens van. Ik wil gaan wonen op een verzorgingsboerderij. Nu woon ik nog alleen, ik heb hulp van de thuiszorg. Ik ben 66, dat zou je niet zeggen, hè?” Ik beaam het. “Ja, ik zit veel in de zon en heb een lekker kleurtje.”

“Moet u nog ver lopen?” Ik zeg dat ik naar Den Dolder ga, naar huis. “Den Dolder, daar staan hele grote huizen.” Nou, wij wonen gewoon in een klein huis, zeg ik. “U zou mijn huis moeten zien, het is van Mitros maar als ik zeg dat het een koopwoning is dan gelooft iedereen het. En een hele grote tuin, daar zijn ze vaak jaloers op. Met een vijver, geen vissen want er lopen veel katten rond, veel te veel katten. Ik kijk veel naar VT wonen en dan doe ik allemaal ideeën op.” En dan volgt een verhaal over tegels, sleuven en planten waar ik niet helemaal een beeld bij krijg.

Nou, fijne fietstocht dan nog maar, wens ik hem toe. Hij stapt op en fietst verder, zijn oog alvast gericht op de volgende wandelaar in de verte.

#100dayproject – dag #27

h1

Examen

14/05/2016

1979 is een mijlpaal: het jaar van mijn eindexamen. Zo’n jaar dat je kan gebruiken als hulpje om uit te rekenen wanneer iets anders heeft plaats gevonden en hoe lang dat dan wel niet geleden is.
Een bijzonder jaar was 1979 zeker want in januari brandde onze school compleet af – het was een strenge winter, het houten noodgebouw was daardoor waarschijnlijk extra droog, en de verwarming bestond uit gaskachels. Hoe dan ook, in de kerstvakantie ging alles in vlammen op. De school, de wandschilderingen met Guust Flater waar ik nog vlakken had mogen schilderen, de ‘illegale’ geschiedenisbibliotheek van Rijxman die eerst kocht en dan toestemming vroeg en ook de bewoners van de konijnenberg in de patio overleefden het niet.

brand-stad-en-lande-300x217

De noodlokatie voor de eindexamenklassen, HAVO en VWO, werd een oude lagere school in Laren. We schilderden het op, we fietsten heen en weer vanaf Huizen en hadden een geïmproviseerde kantine in de oude gymzaal.

De examens zelf vonden plaats in een leegstaand kantoor van Verwelius, in ieder geval de mondelinge examens. Veel herinner ik me daar niet van behalve de zeer moeizame gesprekken in het Duits en Frans en de 10 voor geschiedenis.
Hoewel geen topleerling was ik ook zeker geen slechte en angst voor zakken was er niet echt. Wel zorg en nieuwsgierigheid naar bepaalde cijfers.

cijfers.dewereldmorgen.be

Terugkijkend vind ik het hele systeem van proefwerken, repetities en examens eigenlijk maar raar. Je leert iets, je beantwoordt veel vragen, je hoort een tijd niets en dan krijg je een cijfer. Bij proefwerken liepen we nog wel eens door de goede antwoorden heen maar dat was het. Bij de laatste verhuizing vond ik proefwerken economie die me verbaasden over alles wat ik kennelijk ooit geweten heb.

Met uitzondering van geschiedenis: daar dicteerde de docent een stuk of vijf vragen en tijdens het maken liep hij al langs en gaf aan wat goed was, wat niet en waar nog iets miste. Daar leerde je meteen van je fouten, je wist direct na afloop je cijfer en het scheelde de docent bovendien veel nakijkwerk.

Eigenlijk is het buiten en na school andersom: niet leren en dan examen doen maar iedere dag examen, beoordeeld worden en daarvan leren. Iedere dag openieuw. Niet voor een cijfer maar omdat het leuk is, interessant is, nuttig is. Echte education permanente. Met veel keuzevakken en herkansingen 🙂

#100dayproject – dag #26