h1

Gesprek

15/05/2016

IMG_5074

Op de terugweg van mijn wekelijkse bejaardenbezoek loop ik langs het fietspad dat vroeger ooit een spoorlijn was tussen Zeist en Bilthoven. Het zonnetje schijnt maar de wind is fris koud en het is rustig. Dan komt in de verte een fietser tegemoet, een meter of twintig voor mij stopt hij en stapt af. Ik denk dat hij de weg wil vragen maar het blijkt hem om een praatje te gaan.

Hij spreekt snel en wat binnensmonds, ik vang maar hier een daar een woord op. Op goed geluk zeg ik ‘ja’ en ‘mooi’ en hij lijkt daar tevreden mee. Langzamerhand wen ik een beetje aan zijn spreekstijl en begrijp er iets meer van.
Hij fiets kennelijk graag, vaak ook naar de Lage Vuursche maar dat is nu te ver. Hij heeft last van zijn lies, zijn neus is of moet geopereerd en vorig jaar heeft hij een operatie aan zijn vinger gehad. “Ik heb op Sterrenberg gewoond, op de gesloten afdeling. Toen dronk ik veel en dan sluiten ze je op. Maar nu gaat het goed met mij. Ik heb ook HIV, dat je mijn bloed niet mag aanraken. En ik heb werk op een boerderij, er zijn net twee biggetjes bij. En ik heb al drie diploma’s gehaald: eentje voor schakelen op de maaimachine, u weet wel, vier keer voor- en achteruit rijden. En voor de motormaaier. En van de winter ga ik hout kloven.”

Dat van die neus en vinger had ik kennelijk niet helemaal goed begrepen want hij moet nog of weer geopereerd. “Mijn neus, dat komt door het kickboksen vroeger, daar willen ze het bot uithalen. En mijn vinger, daar hebben ze een echo van gemaakt en er zit nog glas in, dat moet eruit.” Er volgt een ingewikkeld verhaal over een andere man, een ingeslagen ruit en dat die nog opgesloten zit.
“Die operatie aan mijn hand, daar zit ik niet op te wachten, dan mag ik vijf weken niet werken. Maar mijn baas heeft al gezegd dat ie me gewoon komt halen. Want verder lopen er allemaal van de jonge gassies, eigenwijs en weten nergens van. Ik wil gaan wonen op een verzorgingsboerderij. Nu woon ik nog alleen, ik heb hulp van de thuiszorg. Ik ben 66, dat zou je niet zeggen, hè?” Ik beaam het. “Ja, ik zit veel in de zon en heb een lekker kleurtje.”

“Moet u nog ver lopen?” Ik zeg dat ik naar Den Dolder ga, naar huis. “Den Dolder, daar staan hele grote huizen.” Nou, wij wonen gewoon in een klein huis, zeg ik. “U zou mijn huis moeten zien, het is van Mitros maar als ik zeg dat het een koopwoning is dan gelooft iedereen het. En een hele grote tuin, daar zijn ze vaak jaloers op. Met een vijver, geen vissen want er lopen veel katten rond, veel te veel katten. Ik kijk veel naar VT wonen en dan doe ik allemaal ideeën op.” En dan volgt een verhaal over tegels, sleuven en planten waar ik niet helemaal een beeld bij krijg.

Nou, fijne fietstocht dan nog maar, wens ik hem toe. Hij stapt op en fietst verder, zijn oog alvast gericht op de volgende wandelaar in de verte.

#100dayproject – dag #27

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: