Archive for oktober, 2011

h1

Burgemeester en mayor

26/10/2011

Het heeft me meer dan een jaar gekost maar het is gelukt: ik ben burgemeester! Van het gemeentehuis in Zeist.
Ik ben trouwens ook burgemeester van ons eigen huis, de sportschool, de tandarts en onze vakantiebestemming in Italië. Puur liefdewerk, oud papier trouwens – het levert financieel niets op.

Maar ik ben vooral trots op mijn nieuwe Mayor-schap van het gemeentehuis. Al vanaf het moment dat ik begon met Foursquare leek het mij leuk om nou juist ‘burgemeester’ te kunnen worden van het gemeentehuis. Als raadslid heb je natuurlijk wel een achterstand op de ambtenaren omdat die nu eenmaal vaker aanwezig zijn. Aan de andere kant: zoveel ambtenaren zijn er nu ook weer niet digitaal actief.

Maandag was het zover: eindelijk heb ik Steven V. gewipt als mayor van het Gemeentehuis!

In eerste instantie was het mijn plan om als zodanig voor te stellen aan de burgemeester van Zeist, Koos Janssen. In tweede instantie heb ik dat plan laten varen. Het is een prima burgemeester, een heel aardige man maar digitaal leeft hij nog in een ander tijdperk.
Ik zou het niet uitgelegd krijgen. Ik voel de letters ‘NERD’ al weer branden op mijn voorhoofd en zie hem al vriendelijk, niet begrijpend en wat medelijdend naar mij kijken.

Het blijft daarom bij een binnenpretje. Net zo leuk.

 

Advertenties
h1

Duiken van het schuurtje

24/10/2011

Onze kippen kunnen niet vliegen, wel fladderen. Met veel geklapwiek halen ze net de schutting en van daaraf het schuurdak.
Naar beneden is minstens zo’n onderneming, een beetje te vergelijken met het abseilen van een rotswand of het springen van een hoge duikplank. Ze vliegen namelijk niet naar beneden, het is meer een gecontroleerd neerstorten.

Vanuit het raam zie ik de haan wat zenuwachtig heen en weer lopen op het dak. Van daaraf kan hij namelijk bij de restanten van de druiven. Maar je kan zien dat hij daar eigenlijk al weer een beetje spijt van heeft. Hoe moet hij ook weer naar beneden?
Hij staat op het randje en kijkt naar beneden. Loopt een stukje verder en kijkt weer. Even lijkt het erop dat hij de sprong gaat wagen, maar nee, toch niet. Een stukje verder dan. Weer kijken, weer leunt hij naar voren. Wel. Niet. Wel. Niet. En dan gaat hij toch. Flappend, fladderend, beetje panisch en duidelijk opgelucht dat hij weer met twee poten aan de grond staat.

h1

Met zonder bril

23/10/2011

Op elfjarige leeftijd kreeg ik een bril. De precieze aanleiding weet ik niet meer maar waarschijnlijk zal de ogentest bij de schoolarts niet goed geweest zijn. Ik herinner me nog wel de verontwaardiging van mijn moeder over de achteraf onterechte constatering van diezelfde oogarts dat ik een lui oog zou hebben.

Kinderbrillen waren in 1972 niet echt kek. Veel keus was er niet maar je wist niet beter.
Toen ik 16 werd ging al mijn verjaardagsgeld en vakantiewerkverdiensten naar mijn eerste contactlenzen. De bril werd uitsluitend een reservehulpmiddel.

Halverwege de jaren negentig werden de kantooromgevingen en daarmee ook mijn ogen steeds droger. Er was niet tegen op te druppelen en mijn ogen waren continu rood.
Het werd terug naar de bril.

De man met de leuke hond en de doorzonwoning had hetzelfde traject zo’n beetje doorlopen en samen brilden we gezellig door.
De laatste jaren echter nam de ergernis toe: vooral de klemmende pootjes en beslagen en natgeregende glazen. De enige alternatieve optie was nog laseren. Snijden in je ogen en dus doodeng.
Toch heb ik het laten doen, een paar weken geleden en het is nog steeds een beetje wennen.

Dat je meteen bij het opstaan alles scherp ziet. Dat je niet meer naar beneden hoeft te kijken bij het lezen (varifocus…). Dat je zo maar een goedkope zonnebril kunt kopen.

En soms heb ik last van ‘fantoompijn’ en duw ik mijn bril wat omhoog op mijn neus of wil ik hem afzetten als ik in bed stap.

h1

Zoveel te doen, zo weinig tijd

10/10/2011

Het schrijven schiet er een beetje in deze dagen. Het is druk: met werk en met de politiek. Veel bijeenkomsten, overleggen, deadlines en bezigheden. Daarom een hogedrukpanversie van de afgelopen week.

De gemeenteraad heeft eindelijk besloten over de spoorwegovergang in Den Dolder. Mijn vertrouwen in het gezond verstand en de politiek is weer gestegen. En dat van een hoop buurtgenoten ook.

We zijn volop bezig met de gemeentelijke begroting en de voorgestelde bezuinigingen. Veel bemoeienis van betrokken inwoners en organisaties en ook dat is goed voor het vertrouwen in datzelfde gezonde verstand en politiek.

Er ligt een mooi plan over hoe Zeist denkt en doet over duurzaamheid. Ook dat gaan we behandelen en moet voorbereid worden.

Qua werk is het Broodfonds nu echt in de maak: het deeg staat te rijzen, de oven komt al op temperatuur. Maar er is nog wel een kneedronde nodig voor er gebakken kan worden….

Het jongste kind is feestelijk 23 geworden. Met mijn auto reden ze naar Soldaat van Oranje. En daardoor mocht ik vrijdag fietsend naar mijn afspraak vlakbij Slot Zeist. Heen regende ik helemaal nat. Terug regende ik nog natter, want het bleek inderdaad nog erger te kunnen.
Maar mijn schoenen zijn echt waterdicht, ik kreeg zo maar voorrang van automobilisten en twee jongens die aan het blad- en daarmee ook aan het waterblazen waren stopten keurig tot ik langs was.

We hebben met de Argentijnse overbuurvrouw plannen gemaakt voor onze vakantie in Argentinië in december/januari. Foto’s gekeken, routes overwogen, ervaringen uitgewisseld: het wordt tijd om te boeken.

En de pepertjes aan de peperplant hebben een einde gemaakt aan alle speculatie over of ze nu groen of rood zijn: ze worden met de dag roder.


h1

Het dorp, het spoor en de politiek

07/10/2011

Ik woonde nog niet zo lang in Den Dolder. Het was vooral nog genieten van de nieuwe man, het nieuwe huis, de nieuwe tuin, de nieuwe baan. Plaatselijke politiek? Niet echt mijn interessegebied.
Maar langzamerhand kwam daar verandering in. Er werd veel gebouwd en verbouwd in het dorp. De toch al grote Albert Heijn ging verder uitbreiden. De kleine winkelpanden aan de Paduaweg verdwenen en kregen nieuw onderdak aan de Dolderseweg. Waar en passant vreselijk lelijke appartementen boven werden gebouwd – zo uit een folder gerukt. “Doet u maar een paar met van die lelijke rode hekjes. Nee hoor, het hoeft er niet een beetje dorps uit te zien, helemaal niet nodig. Het is voor Den Dolder.”En ze gaan het spoor afsluiten werd mij verteld. Ik snapte er niets van. Nooit iets gemerkt van de kennelijke onverantwoorde onveiligheid.

Langzamerhand begon ik te aarden in dat rare dorp Den Dolder en toen bij D66 gevraagd werd om kandidaten voor de gemeenteraad was de knoop snel doorgehakt. Een pracht van een mogelijkheid om nog verder verbonden te raken met mijn woonplaats. En zo is het gekomen, om Frater Venantius te citeren.

Afgelopen dinsdag viel een mooie beslissing over het project rondom het spoor in Den Dolder. Het fietstunneltje komt er zo snel mogelijk, het spoor blijft open maar er komt een onderzoek naar de veiligheid in het hele gebied. Blijkt onomstotelijk dat de totale veiligheid er bij gebaat is, dan wordt pas de bypass aangelegd en het spoor gesloten voor auto’s. Want niemand is voor onveiligheid maar er zijn meer belangen dan van ProRail.
Ik ben er trots op dat we als D66 ons steentje hebben mogen bijdragen aan deze uitkomst. Samen met heel veel bewoners en belangengroepen, eerste tegen de stroom in en daarna in steeds groter gezelschap. Van een ruime kleine minderheid tegen de afsluiting op basis van de ProRail-argumenten, groeiden we naar een  zeer ruime meerderheid.

Voor mij het bewijs dat met argumenten en doorzettingsvermogen het gezonde verstand het toch wint.

En nu op naar de bezuinigingen, het plan voor Duurzaam Zeist en alle andere onderwerpen die al weer op de agenda staan.

h1

De dag van de oudere …. nou en?

01/10/2011

Moederdag, vaderdag, verjaardag, de dag van de arbeid, de nacht van het brood: ik ben er niet zo van. Het idee dat iemand anders voor jou heeft bepaald dat je iets speciaals moet doen, cadeautjes kopen of een in ieder geval stil staan bij.

Toch snap ik het wel, al die dagen-van en weken-van: het is een goede manier om aandacht te vragen voor een specifiek probleem of onderwerp.
Maar mijn eerste reactie op de uitnodiging om mee te doen aan de Nationale Ouderen Dag is dan ook niet vol enthousiasme. Daar zou toch geen dag voor nodig moeten zijn, als je oud bent is het toch logisch dat je aandacht krijgt? Waarom dan wel speciaal op 30 september?

De kille werkelijkheid is natuurlijk dat ondanks al onze goede bedoelingen we druk, druk, druk zijn en niet zitten te wachten op nog een extra verplichting als thee drinken met een oude van dage.

Ik moet er niet aan denken straks het grootste deel van de dag alleen door te moeten brengen. Geen huisdieren om tegen te praten want die kan je niet meer verzorgen. Geen bezoek, geen praatjes op straat want je bent slecht ter been of het regent gewoon buiten. Wat moet je dan? TV kijken? Spelletjes doen op de computer? Nog een keer door de krant bladeren?

Daarom geef ik mij op voor de Nationale Ouderen Dag. Oudere inwoners van Zeist, vooral van verpleeghuizen, hebben een wens aangegeven. Die zijn op zich al hartverscheurend door de eenvoud: samen een bloemetje kopen, naar buiten, spelletjes doen, een massage of gezichtsverzorging. Allemaal samen te vatten in één woord: aandacht.

Ik geef me op om spelletjes te doen met een mevrouw in verpleeghuis Heerewegen. Bij aankomst staat een draaiorgel te spelen in de zon, een zangkoor stapt net op de fiets naar het volgende optreden, bewoners genieten op de stoep  van de buitenlucht, de aandacht, de muziek en de zon.
Binnen wordt ik enthousiast ontvangen en verwezen naar de tweede etage. Mijn spelletjesmevrouw is nog aan het rusten maar wordt opgehaald. Vindt ze het leuk dat ik er ben? Geen idee. Maar ze maakt me glimlachend in met ganzenbord. Ik vraag hoe lang ze hier al woont. “Ik weet het niet”, zegt ze. Maar na wat vragen weet ik dat ze in Odijk is geboren, dat ze naar Zeist is verhuisd en in Bilthoven op school ging. Tekenen vond ze het leukste op school, ze heeft gewerkt als schoonmaakster en ze heeft drie dochters. Het zijn allemaal éénwoordige antwoorden en vaak kijkt ze me verontschuldigend aan en zegt weer: “Ik weet het niet”.

Met dank aan Reyn Schuurman voor deze foto

Na het ganzenborden is er een stapel kaartjes met spreekwoorden en gezegden om af te maken. We lopen er drie tot vier keer doorheen en ik sorteer ze zo dat we alleen nog een stapel hebben van degene die ze weet.
Er is ook nog een stapel met de eerste regel van liedjes. Ik zing “Op de grote stille heide” en zij kijkt mij vriendelijk en afwachtend aan. Maar als ik vraag of zij de tweede regel nog weet, zingt ze zo het hele couplet. Ik pak een volgend kaartje en dank in gedachten mijn moeder (hoi mam!) dat wij zoveel oude liedjes in de auto zongen vroeger. De boer had maar ene schoen, Mijn eerste meisje van de zangvereniging, Twee reebruine ogen: ik ken in ieder geval de eerste regel(s) en de melodie.

Of de anderen in de recreatieruimte de muziek op prijs stelden weet ik niet. Maar ‘mijn’ mevrouw leek het naar haar zin te hebben en daar ging het om.
Als ik wegga, informeert ze bij de verzorging alvast naar het eten. Ze vindt alles lekker zegt ze.

Ik neem afscheid en zeg tegen haar dat ze best nog heel veel weet.

Mijn verstand zegt dat ik echt geen tijd heb om dit iedere week te doen. En dat zo één keer per jaar in september in ieder geval beter is dan niets.
Mijn hart draait echter om, wat ik gun ik iedereen dat extra beetje aandacht. Ondanks de fantastische en toegewijde inzet van het personeel.

Als iedereen die dit leest nou eens  een uurtje per jaar vrij maakt en tijd en aandacht geeft aan iemand die het nodig heeft. Zo maar. Omdat je het straks zo maar zelf kan zijn die zit te vereenzamen. En wie heeft dan het goede voorbeeld gegeven?